Wat me opvalt — en me ook raakt —
is hoe verschillend mensen omgaan met betrokkenheid.
Sommige stiltes zijn niet onwil, maar onhandigheid.
Niet iedereen weet wat te zeggen, of durft het juiste moment te kiezen.
Oké, het is dag drie na de operatie.
En ja, ik had gedeeld dat ik geopereerd werd en hoe het was verlopen.
Daarna trok ik me even terug, omdat mijn lijf daarom vroeg.
Misschien viel dat samen met het leven van anderen dat gewoon doorging.
Dat zegt niet alleen iets over hen,
maar ook over hoe kwetsbaar echte verbinding soms is.
Hoe snel we elkaar missen, zelfs met alle middelen om in contact te blijven.
En laat ik helder zijn:
ik doe hiermee niemand tekort.
Mijn hart is juist vervuld door de bloemen, kaarten, de ballon
en de persoonlijke berichtjes die wél kwamen.
Dankjewel — je weet wie je bent.
Het herinnert me eraan dat een klein gebaar genoeg is.
Een appje. Een paar woorden.
Niet zichtbaar voor iedereen, maar precies daar waar het telt.
Misschien is het geen kilte die ik voel,
maar een verlangen naar eenvoud.
Naar mens tot mens,
zonder publiek.
Ik merk ook dat bepaalde dingen me extra raken nu.
Kortzichtigheid bijvoorbeeld. Daar ga ik slecht op.
Ik zag vanochtend een story van een vriendin.
Een screenshot over hoe AI zogenaamd de wereld en het klimaat kapotmaakt door CO₂-uitstoot en kolenverbruik. Daaronder stond: “Denk zelf na. Gebruik geen AI. Het maakt de wereld kapot.”
Ik had een hele reactie geschreven.
Over hoe ditzelfde geluid er ook was bij de komst van internet.
Daarna bij social media.
En nu weer bij AI.
Over angst, verschuiving, cultuur.
En hoe die angst vervolgens óók weer via hetzelfde platform wordt verspreid.
Ik heb mijn reactie uiteindelijk verwijderd.
Wat schiet ik ermee op?
Waarschijnlijk voel ik me ook gewoon gekrenkt.
Ik maak mooie dingen met behulp van AI.
Ik verlies me tegenwoordig in muziek maken.
Ik heb onlangs een boekje uitgebracht waar ik echt blij mee ben — en een beetje trots.
Het komt uit mij.
Maar ik kon het maken mét hulp van AI.
Had ik het zelf kunnen illustreren? Nee.
Had ik het kunnen laten maken? Ja.
Had ik dat kunnen betalen? Nee.
Zou het er dan ooit zijn gekomen? Ook nee.
En kreeg ik daar ook maar één leuke reactie van haar op?
Natuurlijk niet.
In plaats daarvan een verkapte, kortzichtige story.
Geen interesse in nuance. Geen behoefte aan feiten.
Alleen een screenshot dat als absolute waarheid wordt gepresenteerd.
In mijn ogen zijn dit twee grote problemen van deze tijd:
indoctrinatie en verdeeldheid.
Ze zijn de hele dag om ons heen.
Ik ben een mens met veel vragen.
En ja, ik heb me ook lang verzet tegen AI en de snelle ontwikkelingen.
Maar ik ben erop teruggekomen.
Het kan juist zorgen voor verbinding.
Als ik een lied maak voor een dorp en mensen worden daar blij van, delen het, komen samen — dan is dát waar AI voor bedoeld zou moeten zijn: als aanvulling op menselijk contact.
Maar waar gaat het heen?
Net als bij corona ontstaan er weer twee kampen.
Mensen die anderen veroordelen om hun gebruik van AI, en hen betichten van het kapotmaken van de wereld, vind ik eerlijk gezegd gevaarlijker dan het middel zelf.
En opvallend vaak zijn het dezelfde mensen die mij destijds ook vertelden wat ik moest denken, doen of injecteren.
Later wil ik hier nog eens uitgebreider over schrijven.
Voor nu laat ik dat liggen.
Wat ik me vooral afvraag is dit:
de mensen die zo fel tegen AI zijn —
wat doen zij zelf om de wereld mooier te maken?
Organiseren ze ontmoetingen?
Zijn ze werkelijk aanwezig voor de mensen om hen heen?
Maken ze géén gebruik van internet, smartphones, online bankieren, social media?
Vrijwel alles is tegenwoordig al AI-gestuurd.
De pot verwijt de ketel dat hij zwart ziet.
Zo voelt het voor mij.
Ik ben geen heilig mens.
Ik denk veel na. Ik stel vragen.
Ik kom terug op ideeën als ik nieuwe inzichten krijg — en ik durf dat ook te zeggen.
Maar ik laat me niet meer in een hoek drukken die niet van mij is.
Hoe jij als lezer de wereld ziet, zegt iets over jouw informatievoorziening, jouw referentiekader en jouw bereidheid om dingen ook eens anders te bekijken.
Maar ach.
Wie ben ik.
Tot de volgende.
Pien
